Lab6 DSM Delft: onderzoekers stappen over, van hokjeswerken naar open kantoorconcept

  • fotografie Joep Jacobs
  • fotografie Joep Jacobs
  • fotografie Joep Jacobs
  • fotografie Joep Jacobs
  • fotografie Joep Jacobs
  • fotografie Joep Jacobs
  • fotografie Joep Jacobs
  • fotografie Joep Jacobs
  • fotografie Joep Jacobs

De ambitie: Bright Way of Working – meer samenwerken in een open en moderne werkomgeving

Op het DSM-terrein in Delft pronkt een mooi staaltje nieuwbouw. Een modern, transparant bedrijfspand. De architect is Cepezed, de interieurarchitect is Fokkema. Beiden uit Delft. Het is het nieuwe onderkomen van het Rosalind Franklin Biotechnology Center van DSM. Thuishonk van zo’n 300 R&D-mensen die gewend waren om hun kantoor in hun eigen lab te hebben, afgescheiden van het werkterrein van collega’s. In het nieuwe pand werd openheid en transparantie het uitgangspunt. Met in de slipstream van de verhuizing de wens om efficiënter en meer samen te werken. Tweederde laboratorium aan de ene kant, eenderde kantoren aan de andere kant. Geen hokjes. Geen vaste werkplekken. En daar zat meteen de grootste uitdaging: de vertaling van theorie naar praktijk. “Gaat het ook werken wat we op papier zo mooi bedacht hebben?”, vertelt Harry Spuyman, projectmanager Large Capital Projects bij DSM. “En gaat niet iedereen handdoekjes neerleggen om een plek te claimen?”, voegt hij er met een kwinkslag aan toe. Onder de noemer BWoW, Bright Way of Working – geheel in lijn met DSM’s Bright Science, Brighter Living – vroeg hij YNNO om hulp. Bij het aanscherpen van zowel het kantoorconcept als de kosten en de introductie van de nieuwe manier van werken.

Rol YNNO: medewerkers erbij betrekken en goed onderbouwen wat je doet

In het begin kostte het moeite om iedereen mee te krijgen. Medewerkers erbij betrekken blijft een beproefd concept. Harry richtte samen met zijn collega Rob van Steenbergen een usergroep op, met een goede afvaardiging van medewerkers die de achterban vertegenwoordigen. “YNNO heeft hen in discussies erbij betrokken en op de juiste momenten de gelegenheid gegeven mee te denken over besluiten”, zegt Harry. “Bij wetenschappers betekent het niet dat de race dan gelopen is. Je moet toch elke keer met mensen in conclaaf die beter kunnen rekenen dan jij. Dan moet wat je voorstelt volledig onderbouwd zijn.” En dat heeft YNNO voor elkaar gekregen, volgens hem. Onder andere door metingen uit te voeren. Hoe je dat doet? “Met een student en een klokje”, legt Harry uit. “We hebben het gebruik van de werkplekken gemeten om te bepalen hoeveel er minimaal nodig zijn in een kantoorconcept.” Natuurlijk moet je je in alle openheid ook af en toe kunnen afzonderen. YNNO heeft eveneens een rol gespeeld in het creëren van een prettige werkomgeving in zo’n groot en open kantoorconcept. Uit interviews met medewerkers werden behoeften en voorkeuren gepeild. Op grond daarvan zijn in het concept vergaderruimten en concentratieplekken aangebracht.

Het resultaat: meer efficiency, lagere kosten, meer projecten, meer werkplezier

Het hele concept werd uitgevoerd met een groot vloeroppervlak over de hele breedte van het pand. Mensen ontmoeten elkaar en gaan het gesprek met elkaar aan. “Het uiteindelijke doel is dat we efficiënter werken waardoor ook de bedrijfskosten minder worden”, zegt Harry, “en we vervolgens weer meer projecten kunnen draaien.” Dat alles in een gebouw waar medewerkers graag vertoeven maar waar ook klanten en stakeholders trots worden ontvangen. Eind goed, al goed. Zijn de wetenschappers ook echt tevreden? “Ik mag nog steeds binnenkomen”, lacht Harry. “Dat is toch de ultieme test.”

architectonisch ontwerp, architectenbureau Cepezed, Delft

fotografie, Joep Jacobs